Waarom Jezus?

Maar wat moeten we dan met Jezus? Allereerst dit: je mag er gewoon van uit gaan dat Jezus van Nazareth, de Jezus uit de Bijbel, bestaan heeft en een nogal opzienbarend leven heeft geleefd. Daar zijn gelovige én ongelovige historici en wetenschappers het wel over eens. Welke betekenis je daaraan toekent is natuurlijk een ander verhaal. In de Bijbel wordt Jezus omschreven als de ‘Zoon van God’ – een uitdrukking om aan te geven dat Hij rechtstreeks van God komt, zijn naam draagt en zijn erfgenaam is. Daarmee wordt Hij gelijkgesteld aan God zelf. Dat is iets waar zijn tijdgenoten al problemen mee hadden en wat tot op de dag van vandaag het onderscheid maakt tussen geloof en ongeloof.

Het punt van Jezus is dit: God wordt zelf mens om het leven voor te doen zoals het bedoeld is. Dat is Gods laatste poging – maar een waarvan Hij zeker weet dat die succesvol zal zijn. De naam Jezus betekent dan ook: God redt.

God redt

‘Jezus is het vergrootglas op God’, zei een schrijver eens. Dat zie je allereerst in het karakter van Jezus: Hij is een integer en liefdevol mens die anderen voorhoudt dat ze hun vijanden moeten liefhebben, eerlijk moeten zijn en met elkaar om moeten gaan als broers en zussen. Hij laat ook zien dat het leven niet geleefd kan worden zonder in verbinding te staan met het Leven zelf – God. Dat is wat zijn oproep tot ‘bekering’ betekent: draai je weer om naar God! Maar God die zelf mens wordt betekent ook dat Hij het kwaad dat de wereld was ingeslopen een halt kan toeroepen: Hij is niet te corrumperen, niet op het kwade pad te krijgen. En daardoor gebeurt iets dat zo ongelooflijk is dat het de wereldgeschiedenis op z’n kop heeft gezet: Hij sterft maar komt weer terug uit de dood. Net zoals het leven het ultieme wezen van God is (Hij noemt zichzelf ‘Ik ben het bestaan zelf’), zo is de dood het ultieme wezen van het kwaad. En in de opstanding laat Jezus zien dat het Leven sterker is dan de dood.

‘Jezus is het vergrootglas op God’